ECLI:NL:RBOBR:2026:2216
Rechtbank Oost-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inschrijving als ingezetene op vakantieparkadres
Verzoekers hebben verzocht om voorlopige voorziening tegen de inschrijving als ingezetenen in de basisregistratie personen (BRP) op het adres van een vakantiepark waar zij een vakantiewoning huren. De voorzieningenrechter oordeelt dat er geen sprake is van een ambtshalve inschrijving, aangezien verzoekers zelf het verzoek tot inschrijving hebben ingediend.
De voorzieningenrechter stelt vast dat er geen spoedeisend belang is voor het treffen van een voorlopige voorziening. Verzoekers kunnen zich immers inschrijven in een andere gemeente indien zij menen daar ingezetenen te zijn, of een verzoek indienen voor inschrijving met een briefadres of tijdelijk verblijfsadres. De stelling dat het aanvragen van een briefadres geen optie is, is niet onderbouwd.
Verder leidt de vrees van verzoekers dat de parkeigenaar de huurovereenkomst wil beëindigen niet tot spoedeisend belang, omdat dit een civielrechtelijke kwestie betreft. Er is geen sprake van feitelijke opzegging of ontbinding van de huurovereenkomst. Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek af en wordt het griffierecht niet teruggegeven.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening om de inschrijving als ingezetenen op het vakantieparkadres te schorsen is afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.