Uitspraak
RYANAIR DAC,
1.De procedure
- de akte overlegging van betekeningsstukken van Passagier.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Oost-Brabant
Passagier vordert schadevergoeding van Ryanair wegens onterechte instapweigering op vlucht van Eindhoven naar Catania op 17 oktober 2024, veroorzaakt door een landelijke IT-storing bij Ryanair. Passagier en medepassagier werden ondanks tijdige aanwezigheid geweigerd, waarna Ryanair een alternatieve vlucht op 20 oktober aanbood, die voor passagier niet acceptabel was vanwege een familiebijeenkomst.
De gevorderde schade omvat ticketkosten, parkeerkosten, huurauto en verblijfskosten. De kantonrechter wijst de helft van de ticketkosten toe, omdat de vordering mede betrekking heeft op de medepassagier zonder bewijs van machtiging of cessie. Parkeerkosten, huurauto en verblijfskosten worden afgewezen omdat deze door een ander zijn betaald.
Passagier vordert ook een financiële compensatie van €800 op grond van Verordening EG 261/2004, waarvan €400 wordt toegewezen wegens ontbreken van machtiging voor medepassagier. Buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Ryanair wordt veroordeeld tot betaling van toegewezen bedragen, wettelijke rente en proceskosten. Het vonnis is verstek gewezen.
Uitkomst: Ryanair wordt veroordeeld tot gedeeltelijke schadevergoeding en compensatie wegens onterechte instapweigering, met afwijzing van overige kosten en incassokosten.