Op 20 januari 2025 zijn onder klaagster diverse chemicaliën, waaronder grote hoeveelheden Tramadol en andere stoffen, in beslag genomen in een loods. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd concludeerde dat de Tramadol voldoet aan de definitie van werkzame stof zonder dat een geldige registratie aanwezig is. De rechtbank oordeelt dat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter later de verbeurdverklaring of onttrekking aan het verkeer zal bevelen.
De overige inbeslaggenomen goederen worden geacht te leiden tot de productie van DMT of nieuwe psychoactieve stoffen (NPS) die risico's voor de volksgezondheid vormen. Het ongecontroleerde bezit hiervan is in strijd met de wet en het algemeen belang. De rechtbank beveelt daarom de onttrekking aan het verkeer van deze stoffen en verklaart het klaagschrift ongegrond.
Klaagster heeft betoogd dat de stoffen legale middelen zijn voor ontwikkelingsdoeleinden en dat er geen sprake is van een strafbaar feit, maar dit standpunt wordt door de rechtbank niet gevolgd. De rechtbank benadrukt dat het onderzoek in raadkamer summier is en dat het belang van strafvordering het voortduren van het beslag rechtvaardigt.
Tegen deze beslissing staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad binnen veertien dagen na betekening.