Uitspraak
1.De procedure
2.De verdere beoordeling
[A] heeft opgemerkt dat ABB Nederland in deze tijd verantwoordelijk was voor de uitgifte van contracten rechtstreeks via Adobe Sign aan de betrokken werknemer. De rest van HR was hierbij niet betrokken, waardoor het kon gebeuren dat zonder medeweten van ABB toch een contract voor onbepaalde tijd aan [verweerder] is verstrekt. [A] heeft vervolgens de besproken visa-brief per e-mail rechtstreeks aan [verweerder] verstuurd. Zij verkeerde daarbij in de veronderstelling dat aan hem een contract voor bepaalde tijd was afgegeven.
[A] heeft eind februari 2024, in de veronderstelling dat sprake was van een contract voor bepaalde tijd, contact met [verweerder] opgenomen over de beëindiging van zijn contract. Dit omdat de reorganisatie binnen ABB de positie van [verweerder] in Italië raakte. In dit gesprek wilde [A] [verweerder] tegemoet komen, door een opzegtermijn van 4 maanden in acht te nemen en delen uit het sociaal plan. Pas in het eindgesprek op 20 februari 2024 werd het [A] duidelijk dat sprake was van een contract voor onbepaalde tijd. Indien zij dit eerder had geweten, had zij dit anders aangepakt.
- Aanvankelijk wordt in een e-mail van 20 juli 2023 door [E] gesproken over een verlenging van de arbeidsovereenkomst (voor bepaalde tijd) van [verweerder] tot eind december. [1] - Op 4 augustus 2023 is door [D] een verzoek ingediend voor een nieuwe arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd van [verweerder] per 1 augustus 2023, waarna [A] diezelfde dag aan [D] verzoekt om de aanvraag te stoppen, met de mededeling dat er geen arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd aangeboden moet worden. [2]
- Op 7 augustus 2023 heeft [A] gebeld met [D] , waarna zij per e-mail aan [B] terugkoppelt dat zij geen brief kunnen opstellen waarin zij aangeven dat [verweerder] een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd heeft in Nederland, omdat dit niet waar is, maar dat zij wel een brief in algemene bewoordingen zullen opstellen, waarin vermeld wordt dat hij een vast contract heeft binnen het bedrijf (waarmee getuige de reactie van [B] het aanstaande contract in Italië is bedoeld). [3]
permanent contract’ is aangepast naar ‘
contract renewal’. Ter verduidelijking heeft [D] vervolgens op 7 augustus 2023 aan [A] een e-mail gestuurd, waarin zij bevestigt dat deze aanvraag een verlenging van de arbeidsovereenkomst tot eind december 2023 betreft (zoals getuige de e-mail van 20 juli 2023 ook oorspronkelijk zo bedoeld was) en niet de aanvraag van eerder die week voor de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. [5] - Op 7 augustus 2023 is aan [verweerder] desondanks een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd verstrekt.
Letter of permanent job offer in NL to [verweerder] for his NL permanent via extension”). De kantonrechter volgt [verweerder] niet in zijn stellingen. Nergens blijkt uit dat [verweerder] expliciet om een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd heeft verzocht, laat staan dat [B] hiermee heeft ingestemd. [verweerder] verzoekt slechts om ‘een simpele brief’, wat redelijkerwijs niet anders kan worden uitgelegd dan dat hiermee de verklaring ten behoeve van het visumtraject wordt bedoeld. Dat het slechts om een brief gaat ten behoeve van dat visumtraject, volgt vervolgens ook uit het onderwerp van het daaropvolgende interne e-mailverkeer en uit de inhoud van die correspondentie zoals bij de beoordeling van het bewijs van ABB reeds is uiteengezet. De stelling dat uit het verloop van de gebeurtenissen volgt dat ABB aanvankelijk de intentie heeft gehad om daadwerkelijk een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd te verstrekken, in plaats van slechts een brief ten behoeve van de visumprocedure, vindt dan ook geen steun.