Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
De formele voorvragen.
De bewijsmiddelen en de beoordeling daarvan.
zeer onvoorzichtig en onoplettendgekwalificeerd kan worden. Van de hoogste schuldgradatie, roekeloosheid, is geen sprake. Daarnaast heeft de officier van justitie zich op het standpunt gesteld dat ook het onder 2 ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen kan worden.
zeer onvoorzichtig.
roekeloosheid.
De bewezenverklaring.
De strafbaarheid van de feiten.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straffen.
Toepasselijke wetsartikelen.
DE UITSPRAAK
het onder 1 primair en 2 ten laste gelegde bewezenzoals hiervoor is omschreven.
overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor anderen worden gedood, en terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander lichamelijk letsel wordt toegebracht, en terwijl de schuldige verkeerde in de toestand, bedoeld in artikel 8, derde lid, onderdeel b van deze wet, en terwijl het feit is veroorzaakt doordat de schuldige een krachtens deze wet vastgestelde maximumsnelheid in ernstige mate heeft overschreden
overtreding van artikel 8, derde lid, onderdeel b, van de Wegenverkeerswet 1994 (0,27 milligram)
De onder 1 en 2 bewezenverklaarde feiten zijn in eendaadse samenloop gepleegd.
een leerstraf,zijnde het volgen van een
leerproject, te weten So-Cool (verlengd), voor de duur van 50 uuren beveelt, voor het geval dat de veroordeelde de leerstraf niet of niet naar behoren verricht, dat vervangende jeugddetentie zal worden toegepast voor de duur van 25 dagen.
een werkstraf voor de duur van 120 urenen beveelt, voor het geval dat de veroordeelde de werkstraf niet of niet naar behoren verricht, dat vervangende jeugddetentie zal worden toegepast voor de duur van 60 dagen.
een jeugddetentie voor de duur van 4 maanden voorwaardelijkmet een proeftijd van 2 jaren.
ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van
3 jaren.