ECLI:NL:RBOBR:2025:5821
Rechtbank Oost-Brabant
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot herstel woning en vervangende woonruimte na brand
Eiseres huurt een rolstoeltoegankelijke woning die door brand onbewoonbaar is geworden. Zij vordert in kort geding dat de verhuurder binnen vier maanden de woning herstelt en vervangende woonruimte verstrekt vanaf ontslag uit het ziekenhuis.
De verhuurder betwist het spoedeisend belang en wijst op de lopende bodemprocedure en het ontbreken van duidelijkheid over de kosten en verzekeringsuitkering. Tijdens de zitting blijkt dat eiseres langer in het ziekenhuis moet blijven vanwege complicaties en een nieuwe operatie.
De kantonrechter oordeelt dat het spoedeisend belang ontbreekt omdat eiseres nog minstens twaalf weken in het ziekenhuis verblijft en het belang van de verhuurder om de werkzaamheden niet voortijdig te verrichten zwaarder weegt. De vorderingen worden afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen tot herstel van de woning en verstrekking van vervangende woonruimte worden afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.