Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord;
- de brief waarin een mondelinge behandeling is bepaald;
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Oost-Brabant
Partijen hadden een affectieve relatie en hebben gedurende een jaar samengewoond in een huurwoning. Na beëindiging van hun relatie in december 2023, maakten zij onder begeleiding van een medewerker van SMO Helmond afspraken over de verdeling van inboedel en financiële verrekeningen. Hoewel deze afspraken niet zijn ondertekend, heeft een deel van de uitvoering reeds plaatsgevonden.
Eiser vordert nakoming van de gemaakte afspraken, met name betaling van € 2.214,00 door gedaagde. Gedaagde betwist dat er bindende afspraken zijn gemaakt en stelt dat zij een voorbehoud had om de afspraken eerst met haar advocaat te bespreken. De kantonrechter oordeelt dat een handtekening niet vereist is voor het sluiten van een bindende overeenkomst en dat de reeds gegeven uitvoering bevestigt dat de afspraken definitief zijn.
De kantonrechter wijst erop dat de e-mail van de advocaat van gedaagde erkent dat afspraken zijn gemaakt, maar dat gedaagde financieel niet in staat is tot betaling. Dit doet echter niets af aan de verplichting tot betaling. Andere door gedaagde genoemde bedragen zijn niet in reconventie ingebracht en worden niet meegenomen.
De kantonrechter veroordeelt gedaagde tot betaling van € 2.214,00 aan eiser en compenseert de proceskosten, waarbij iedere partij zijn eigen kosten draagt. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 2.214,00 aan eiser wegens nakoming van bindende afspraken over de verbreking van de samenwoning.