ECLI:NL:RBOBR:2024:799
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging ontnemingsprocedure na schikking in witwaszaak
Betrokkene is veroordeeld voor witwassen en de officier van justitie vorderde ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ter hoogte van €317.340. Tijdens de procedure is op 7 december 2023 een schikking gesloten op grond van artikel 511c Sv, waarbij betrokkene akkoord ging met betaling van €191.682 aan de Staat.
Deze schikking is door beide partijen ondertekend en het bedrag is voldaan uit het onder betrokkene gelegde beslag. Betrokkene heeft daarnaast afstand gedaan van fiscale aftrekmogelijkheden en strafvorderlijke vergoedingen.
De rechtbank oordeelt dat op grond van artikel 6:4:18 Sv Pro de ontnemingsprocedure van rechtswege is geëindigd na voldoening aan de schikking. De rechtbank verstaat dit vonnis als beëindiging van de procedure en verklaart dat de ontnemingsprocedure is afgesloten.
De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Oost-Brabant op 4 maart 2024.
Uitkomst: De ontnemingsprocedure is van rechtswege geëindigd na betaling van de schikkingssom van €191.682.