Op 27 juni 2024 pleegde verdachte een overval op een cafetaria te Vierlingsbeek waarbij hij met een mes bedreigde en ongeveer 100 euro stal. De rechtbank achtte het bewezen dat verdachte met het mes dreigend het woord 'money' riep en de kassalade liet openen. Verdachte bekende het feit en toonde berouw.
Tijdens de zittingen op 16 oktober en 3 december 2024 werd het bewijs besproken, waaronder het proces-verbaal van aangifte en de verklaring van verdachte. De rechtbank concludeerde dat het feit wettig en overtuigend bewezen was en dat verdachte strafbaar was.
De officier van justitie eiste 24 maanden gevangenisstraf waarvan 12 maanden voorwaardelijk, terwijl de verdediging pleitte voor een lagere straf vanwege de jonge leeftijd en verslavingsproblematiek van verdachte. De rechtbank legde uiteindelijk 24 maanden gevangenisstraf op, waarvan 14 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar en bijzondere voorwaarden gericht op verslavingszorg en gedragsinterventies.
Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van een materiële schadevergoeding van €14,50 aan de benadeelde partij, vermeerderd met wettelijke rente. De rest van de schadevordering werd niet-ontvankelijk verklaard en dient bij de burgerlijke rechter te worden ingediend.
De bijzondere voorwaarden omvatten onder meer meldplicht bij de verslavingsreclassering, deelname aan gedragsinterventies, behandeling bij verslavingszorg, verblijf in een beschermde woonvoorziening, en naleving van een locatieverbod voor het bedrijf waar de overval plaatsvond.