Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 1 november 2024 in de zaak tussen
[naam] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] , eiseres,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Oost-Brabant
De rechtbank Oost-Brabant behandelde het beroep van de vereffenaar en de bewaarder van de boeken en bescheiden van een besloten vennootschap tegen het besluit van de minister tot intrekking van subsidie, vaststelling van de subsidiehoogte en terugvordering van voorschotten.
De vennootschap was op 9 december 2020 ontbonden en opgehouden te bestaan omdat er geen potentiële baten meer waren. De rechtbank oordeelde dat de vennootschap niet meer voortbestond en dat er geen vereffenaar was die beroep kon instellen. De vennootschap had niet verzocht om heropening van de vereffening op grond van artikel 2:23c BW, waardoor de rechtspersoon zou herleven.
De rechtbank stelde vast dat de bewaarder van de boeken en bescheiden geen persoonlijk belang had bij het beroep en dat de voormalige bestuurder geen zelfstandig beroep instelde. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling of griffierechtvergoeding.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard omdat de rechtspersoon is opgehouden te bestaan zonder potentiële baat en geen heropening van de vereffening is verzocht.