Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG ANTWERPENin België,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Oost-Brabant
De Jeugdrechtbank Antwerpen verzocht de rechtbank Oost-Brabant om de bevoegdheid over een minderjarige over te nemen op grond van artikel 12 van Pro de Verordening Brussel II-ter. Het verzoek werd gedaan omdat de minderjarige mogelijk bij pleegouders in Nederland zou worden geplaatst.
De kinderrechter heeft beoordeeld of de minderjarige een bijzondere band met Nederland heeft, zoals vereist in artikel 12 lid 4 van Pro de Verordening Brussel II-ter. Uit de stukken blijkt dat de minderjarige haar gewone verblijfplaats niet in Nederland heeft, niet in de Basisregistratie Personen staat ingeschreven en geen Nederlandse nationaliteit bezit. Ook de ouders verblijven niet in Nederland.
Daarnaast oordeelde de kinderrechter dat de Nederlandse rechter niet beter in staat is de zaak te behandelen dan de Belgische rechter, die al vanaf de zwangerschap en geboorte betrokken is. Het enkele feit dat een plaatsing bij een nicht in Nederland wordt overwogen, is onvoldoende om de bevoegdheid over te dragen. Daarom werd het verzoek afgewezen. De Jeugdrechtbank Antwerpen kan bij gewijzigde omstandigheden opnieuw een verzoek indienen.
Uitkomst: Het verzoek om bevoegdheidsoverdracht wordt afgewezen omdat de minderjarige geen bijzondere band met Nederland heeft en de Nederlandse rechter niet beter in staat is de zaak te behandelen.