Uitspraak
1.De kern van de zaak en de uitkomst
2.De procedure
- de mondelinge behandeling die heeft plaats gevonden op 16 januari 2024.
Rechtbank Oost-Brabant
In deze zaak tussen buren draait het conflict om camera’s die beide partijen op hun percelen hebben geplaatst. Beide partijen vorderen in kort geding de verwijdering van elkaars camera’s vanwege vermeende inbreuk op privacy en bescherming van eigendommen.
De voorzieningenrechter erkent het spoedeisend belang van de vorderingen, maar stelt dat het recht van een eigenaar om zijn eigendom te beveiligen met een camera in beginsel prevaleert, mits het camerabeeld beperkt blijft tot het eigen perceel. De camera van de gedaagde filmt deels het perceel en de woning van de eiser, wat een onrechtmatige inbreuk op haar privacy vormt. Daarom wordt de gedaagde veroordeeld de camera zo te plaatsen dat het beeld beperkt blijft.
Omgekeerd heeft de eiser ook camera’s die deels het perceel van de gedaagde filmen, waaronder de jacuzzi. Dit wordt eveneens als onrechtmatige inbreuk beoordeeld, waarna de eiser wordt veroordeeld de camera’s zodanig te plaatsen dat de privacy van de gedaagde wordt gerespecteerd.
De vorderingen tot schadevergoeding worden afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid en onderbouwing. De proceskosten worden gecompenseerd, zodat iedere partij de eigen kosten draagt.
Uitkomst: Beide partijen mogen hun camera’s behouden maar moeten het camerabeeld beperken om privacy te waarborgen; schadevergoedingen worden afgewezen.