ECLI:NL:RBOBR:2024:3377
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens onredelijke termijn overschrijding bij niet tijdig beslissen UWV
Eiseres diende op 15 maart 2022 een aanvraag in bij het UWV voor herbeoordeling van het uitkeringsrecht van haar (ex-)werknemer op grond van de Wet WIA. Na ontvangst van de aanvraag stelde eiseres het UWV op 12 mei 2022 in gebreke, wat leidde tot een dwangsombesluit van 18 juli 2022 met een maximale dwangsom van €1.442.
Na dit besluit volgde ruim een jaar geen communicatie van eiseres richting het UWV. Pas op 10 april 2024 stelde eiseres beroep in tegen het niet tijdig beslissen op haar aanvraag. De rechtbank stelde eiseres en het UWV in de gelegenheid om hun standpunten te geven over de ontvankelijkheid van het beroep, maar beide partijen reageerden niet binnen de gestelde termijn.
De rechtbank concludeert dat het beroep onredelijk laat is ingediend en verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 18 juli 2024 door rechter A.F. Vink.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het niet tijdig beslissen van het UWV wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onredelijke late indiening.