Uitspraak
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
de heffingsambtenaar van de gemeente 's-Hertogenbosch, de heffingsambtenaar
Zitting
Beslissing
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
.
Rechtbank Oost-Brabant
De rechtbank Oost-Brabant behandelde het beroep van eiser tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd door de heffingsambtenaar van de gemeente 's-Hertogenbosch. De aanslag betrof parkeren zonder betaling op 1 februari 2023. De heffingsambtenaar had de aanslag inmiddels vernietigd met een uitspraak op bezwaar, waardoor het beroep van eiser feitelijk geen gunstiger resultaat kan opleveren.
De rechtbank oordeelde dat eiser geen procesbelang heeft omdat de naheffingsaanslag al was vernietigd voordat het beroep werd ingesteld. Daarnaast kon niet worden vastgesteld dat eiser belanghebbende was, aangezien de aanslag niet aan hem was gericht en hij slechts stelde de feitelijke parkeerder te zijn, hetgeen gemotiveerd werd betwist door de heffingsambtenaar.
Er waren ernstige twijfels over de volmacht die door de gemachtigde van eiser was overgelegd, zowel in bezwaar als in beroep. De volmachten vertoonden inconsistenties in datum en adres, en de rechtbank legde deze twijfels niet ten grondslag aan de niet-ontvankelijkverklaring omdat de gemachtigde niet op de zitting verscheen om hierop te reageren.
De rechtbank besloot het beroep niet-ontvankelijk te verklaren en wees partijen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij het gerechtshof binnen zes weken na verzending van het proces-verbaal.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag parkeerbelasting is niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.