Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.Het procesverloop
3.Het verzoek
4.Het verweer, het voorwaardelijk tegenverzoek en het nevenverzoek
5.De beoordeling
“(…) bevestig ik hierbij ook nog eens schriftelijk dat PostNL uw dienstverband op donderdag 27 juli 2023 per direct heeft beëindigd vanwege het (bewust) wegnemen van goederen die niet aan u toebehoren uit het PostNL proces.”.Vervolgens wordt in de brief – kort gezegd – uitgelegd welke regels PostNL hanteert, waarom het voor haar van groot belang is dat alle werknemers deze regels naleven en wat voor onderzoek PostNL ten aanzien van het handelen van [verzoeker] heeft verricht. Ook vermeldt PostNL in haar brief dat zij [verzoeker] verwijt dat hij zijn verplichtingen die voortvloeien uit de arbeidsovereenkomst heeft veronachtzaamd en het vertrouwen dat PostNL in zijn medewerkers stelt, onherstelbaar heeft geschonden. Dit hangt naar het oordeel van de kantonrechter echter allemaal samen met en dient nadere toelichting van de stelling van PostNL dat [verzoeker] (bewust) goederen die niet aan hem toebehoren uit het PostNL proces heeft weggenomen. Hoewel PostNL verderop in haar brief stelt dat zij moet constateren dat het er alle schijn van heeft dat [verzoeker] (bewust) goederen uit het PostNL heeft weggenomen én dat [verzoeker] op z’n minst de op hem als werknemer van PostNL rustende verplichtingen om iedere schijn van niet-integer gedrag/een niet-integere handelwijze te vermijden, grovelijk heeft geschonden, kan PostNL dit niet (meer) aan het ontslag ten grondslag leggen. PostNL mag, nadat zij [verzoeker] mondeling heeft meegedeeld waarom hij op staande voet is ontslagen, de redenen daarvan in een latere brief weliswaar nader uitwerken en concretiseren, maar zij mag daarin niet andere redenen noemen dan de reden die zij aan [verzoeker] eerder heeft meegedeeld, althans in ieder geval geen andere reden aan het ontslag ten grondslag leggen. Ook de stelling van PostNL dat er geen enkele rechtvaardiging is voor de wijze waarop [verzoeker] zich heeft gedragen / heeft gehandeld en de door PostNL gehanteerde “spelregels” niet is nagekomen, zoals tijdens de mondelinge behandeling is betoogd, kan derhalve niet (meer) aan het ontslag ten grondslag worden gelegd. De kantonrechter gaat er bij de verdere beoordeling derhalve van uit dat PostNL aan het ontslag ten grondslag heeft gelegd dat [verzoeker] (bewust) goederen die niet aan hem toebehoren uit het PostNL proces heeft weggenomen.
“Als jij je niet gedraagt als goed werknemer (als hierboven genoemd), dan is dit voor PostNL een onhoudbare en onacceptabele situatie. Dit beschouwen wij als een overtreding. Natuurlijk kunnen niet alle voorbeelden van overtreding worden genoemd, maar hieronder volgen er wel enkele ter illustratie: diefstal van eigendommen van klanten, collega’s en/of PostNL; (…) Moedwillig schaden van de kwaliteit van de dienstverlening door (…) poststukken/pakketten openen/ontdoen van verpakking (…). (…)Gaat het om een ernstige en/of herhaalde overtreding(onderstreping door kantonrechter)
dan volgt in ieder geval ontslag op staande voet. (…)”.Niet is omschreven wanneer een overtreding als ernstig moet worden aangemerkt of wanneer sprake is van een herhaalde overtreding. Verder is door [verzoeker] gesteld dat niet alleen hij zich niet telkens strikt aan de regels heeft gehouden, maar dat ook diverse andere collega’s bijvoorbeeld de verzegeling van de trailer bij aankomst bij een distributiecentrum zelf verbreken. Namens PostNL is tijdens de mondelinge behandeling verklaard dat dit absoluut niet is toegestaan, maar ook is verklaard dat PostNL niet weet of het verbreken van de verzegeling vaker door de chauffeurs zelf gebeurt. Datzelfde geldt voor het (verkeerd) invoeren van het trailernummer en de andere gestelde door [verzoeker] begane overtredingen. Verder is niet gesteld of gebleken dat PostNL op enige wijze of op enig moment controleert of haar werknemers zich aan de (gedrags)regels houden. Dit gebeurt kennelijk enkel als blijkt dat er iets mis is gegaan in het proces, zoals wanneer er goederen blijken te zijn weggenomen. In dit geval is derhalve, zelfs als de overtreding van de (gedrags)regels door [verzoeker] komt vast te staan en dit aan het ontslag ten grondslag is gelegd, de vraag of dit voldoende is om sprake te laten zijn van een dringende reden.
Kamerstukken I, 2013-2014, 33 818, nr. C, pag. 99 en 113). Een ontslag op staande voet dat niet rechtsgeldig wordt geacht, is dus als zodanig al ernstig verwijtbaar.