Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
Parketnummer vordering: 01/067145-20
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
hij op of omstreeks 8 maart 2021 te Eindhoven, in elk geval in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan een persoon genaamd [slachtoffer 1] , opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet, meermalen, althans eenmaal, met een mes, althans een scherp en/of puntig voorwerp, die [slachtoffer 1] (krachtig) in de (onder)rug (dorsale zijde rechterflank), althans het lichaam, heeft gestoken en/of geprikt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;meer subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
hij op of omstreeks 8 maart 2021 te Eindhoven, in elk geval in Nederland, [slachtoffer 1] heeft mishandeld door haar meerdere malen, althans eenmaal, met een mes, althans een scherp en/of puntig voorwerp, in de rug, althans het lichaam te steken en/of te prikken en/of met (kracht) tegen de rug van die [slachtoffer 1] te slaan/stompen.
De vordering na voorwaardelijke veroordeling.
De formele voorvragen.
De beoordeling van de ten laste gelegde feiten.
Ten aanzien van het onder parketnummer 01/067352-21 primair ten laste gelegde
Ten aanzien van het onder parketnummer 01/320930-21 primair ten laste gelegde
De bewezenverklaring.
De strafbaarheid van de feiten.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en/of maatregel.
Een kopie van de vordering van de officier van justitie is aan dit vonnis gehecht.
De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] .
De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] .
Beslag.
Motivering van de beslissing na voorwaardelijke veroordeling 01/067145-20.
Toepasselijke wetsartikelen.
DE UITSPRAAK
gevangenisstrafvoor de duur van
negenjaren
maatregel van schadevergoedingtot een bedrag
van € 6.343,41
maatregel van schadevergoedingtot een bedrag
van € 5.744,95
Beslissing op de vorderingen van de benadeelde partijen
benadeelde partij [slachtoffer 1][parketnummer 01/067352-21]:
gedeeltelijk toeen veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij, [slachtoffer 1] , van een bedrag van € 6.343,41 (zegge: zesduizenddriehonderddrieënveertig euro en eenenveertig eurocent), bestaande uit € 1.343,41 materiële schade en € 5.000,00 immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 8 maart 2021 tot aan de dag der algehele voldoening.
benadeelde partij [slachtoffer 2][parketnummer 01/320930-21]:
gedeeltelijk toeen veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij, [slachtoffer 2] , van een bedrag van € € 5.744,95 (zegge: vijfduizendzevenhonderdvierenveertig euro en vijfennegentig eurocent), bestaande uit € 744,95 materiële schade en € 5.000,00 immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 januari 2021 tot aan de dag der algehele voldoening.
Beslissing op het beslag
verklaart verbeurdde inbeslaggenomen goederen, te weten:
gelastde
teruggaveaan de redelijkerwijs als rechthebbende aan te merken personen van de onder hen in beslag genomen voorwerpen, te weten: