Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.De procedure
- de dagvaarding,
- de incidentele conclusie tot onbevoegdverklaring,
- de incidentele conclusie van antwoord.
Rechtbank Oost-Brabant
In deze civiele procedure vordert de vereniging van eigenaars Polderzicht een verklaring voor recht dat de gedaagde niet heeft voldaan aan een eerder arbitraal vonnis en tevens schadevergoeding. De gedaagde stelt dat de rechtbank zich onbevoegd moet verklaren vanwege een arbitraal beding in de koop-/aannemingsovereenkomst dat alle geschillen aan de Raad van Arbitrage voor de Bouw toewijst.
De rechtbank oordeelt dat het geschil niet valt onder artikel 438 Rv Pro omdat het geen executiegeschil betreft, maar een inhoudelijke beoordeling van rechten ontleend aan het arbitraal vonnis. Omdat partijen een geldig arbitraal beding zijn overeengekomen, moet het geschil aan arbitrage worden voorgelegd.
De rechtbank verklaart zich daarom onbevoegd en veroordeelt Polderzicht in de proceskosten van zowel het incident als de hoofdzaak, omdat zij de zaak onnodig bij de civiele rechter heeft aangebracht. De kosten aan de zijde van de gedaagde worden begroot op respectievelijk €563 en €2.837.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd vanwege het toepasselijke arbitraal beding en veroordeelt Polderzicht in de proceskosten.