ECLI:NL:RBOBR:2021:6602
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen WOZ-waarde woning vastgesteld op €218.000
Eiser betwist de door de heffingsambtenaar vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning per 1 januari 2019, die is vastgesteld op €218.000. Hij pleit voor een lagere waarde van €210.000 en legt een Excel-sheet aan met alternatieve KOUDV-factoren en verkoopcijfers van vergelijkingsobjecten.
De heffingsambtenaar onderbouwt de vastgestelde waarde met een recent taxatierapport van een erkend taxateur. De rechtbank oordeelt dat de vergelijkingsobjecten van de heffingsambtenaar voldoende vergelijkbaar zijn en dat de correcties op verschillen adequaat zijn toegepast. De Excel-sheet van eiser ontbreekt aan concrete onderbouwing en is niet opgesteld door een deskundige.
Eiser spreekt zichzelf tegen door in zijn beroepschrift en Excel-sheet verschillende KOUDV-factoren te hanteren en levert geen toetsbare gegevens over de verkoopprijzen. De rechtbank volgt de heffingsambtenaar dat de waarde niet te hoog is vastgesteld en dat eiser zijn lagere waarde niet aannemelijk heeft gemaakt.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde van €218.000 wordt ongegrond verklaard.