Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[naam] , te [woonplaats] , verzoeker
Procesverloop
Beslissing
Overwegingen
- Bij besluit van 29 juli 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder aan derde-partij een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van 15 appartementen en het aanleggen van een uitweg op het perceel [adres] (hierna: de projectlocatie).
- Op de projectlocatie zijn meerdere bestemmingsplannen van toepassing waaronder het bestemmingsplan “Koolenkampen-Iepenlaan” dat is vastgesteld in 2009. In dit bestemmingsplan heeft de projectlocatie de dubbelbestemming ‘archeologie’. Op basis van artikel 17.4 van de planregels is een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1., eerste lid onder b, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) vereist voor het rooien van bomen.
- De derde-partij heeft op 8 februari 2021 ten behoeve van de bouw van een appartementencomplex van 15 woningen aan de [adres] een omgevingsvergunning voor de kap van twee bomen en het verplaatsen van één boom aangevraagd.
- Op 26 maart 2021 heeft derde-partij een omgevingsvergunning gevraagd voor de kap van de boom die aanvankelijk zou worden verplaatst.
- Het bezwaarschrift van verzoeker tegen de verleende omgevingsvergunningen zijn bij het bestreden besluit niet-ontvankelijk verklaard omdat volgens verweerder voor de kap van de bomen geen omgevingsvergunning nodig was. De kap van twee bomen heeft inmiddels reeds plaatsgevonden. De derde boom kan uiteindelijk toch blijven staan.
- Voor het verwijderen van de boomstronken en wortels van de gekapte bomen heeft derde-partij een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder b, van de Wabo aangevraagd. Op deze aanvraag is nog niet beslist.