Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 14 september 2021 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser,
Procesverloop
Overwegingen
30 april 2019 ook toestemming is gevraagd voor het aanleggen van de leidingen ten behoeve van het plaatsen van de oriëntatieverlichting. De rechtbank houdt het er verder voor dat tevens toestemming voor het veranderen van een uitweg (als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder e, van de Wabo) is gevraagd. Tot slot is toestemming gevraagd voor de gevolgen van deze werkzaamheden voor het nabijgelegen Natura 2000-gebied (als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo in samenhang met artikel 2.2aa van het Besluit omgevingsrecht).
De Werkgroep pleit daarnaast voor het verwijderen van een aangebrachte voedselrijke laag en herstel van het geëgaliseerde reliëf op het gehele perceel. De rechtbank ziet niet in dat in het herstelbesluit eiser hiertoe zou moeten worden verplicht. Het herstelbesluit gaat alleen over de inrit en daar ligt geen voedselrijke laag. Als door middel van uitvoering van het bosbeheerplan de ingrepen ten behoeve van de aanleg van de inrit worden gecompenseerd, is het herstellen van reliëf ter plaatse van de inrit zelf niet noodzakelijk. De rechtbank neemt hierbij in aanmerking dat het aanbrengen van reliëf op zichzelf ook weer aanlegvergunningplichtig is. Het zou bovendien betekenen dat de inrit opnieuw moet worden aangelegd en dat schiet niet zo op.
Vergunninghouder dient het bosbeheerplan van 25 september 2019 van Borgman Beheer uit te voeren. Hierbij dient vergunninghouder jaarlijks (vóór 1 januari van het betreffende kalenderjaar) aan het college van burgemeester en wethouders te melden welke maatregelen zijn getroffen in het voorgaande kalenderjaar alsmede een overzicht van de noodzakelijke maatregelen ter goedkeuring voor te leggen aan het college. Het college kan aanvullende maatregelen opleggen voor zover deze redelijkerwijs noodzakelijk zijn in het kader van een goed bosbeheer ter bescherming van de aanwezige natuurwaarden in het gebied. Vergunninghouder dient in het kalenderjaar de door hem genoemde maatregelen alsmede de aanvullende maatregelen die door het college worden opgelegd uit te voeren.”
Beslissing
- verklaart het beroep van eiser tegen het bestreden besluit gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- verklaart het van rechtswege ontstane beroep van de Werkgroep tegen het herstelbesluit gegrond;
- vernietigt het herstelbesluit voor zover hierin toestemming is verleend voor de natuuractiviteit en voor zover hieraan geen voorschrift is verbonden ter borging van de uitvoering van het bosbeheerplan;
- verbindt het volgende voorschrift aan het herstelbesluit: “
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 181,00 aan eisers te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 2.244,00;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van de Werkgroep tot een bedrag van