Verzoekster heeft bij een ongeval in 2010 een trimalleolaire fractuur van haar linker enkel opgelopen, met posttraumatische artrose en pijnklachten als gevolg. Orthopedisch chirurg D heeft beperkingen beschreven, maar verzoekster stelt dat de pijn ook psychosociale en cognitieve klachten veroorzaakt die niet in het orthopedisch rapport zijn meegenomen.
Verzoekster vraagt de rechtbank om een voorlopig deskundigenbericht door een revalidatiearts, die aanvullend onderzoek moet doen naar de invloed van de pijn op haar algeheel functioneren. Vivat verzet zich tegen dit verzoek en stelt een verzekeringsarts voor om een beperkingenprofiel op te stellen.
De rechtbank oordeelt dat het verzoek toewijsbaar is omdat het aanvullend onderzoek kan bijdragen aan de schaderegeling. De rechtbank benoemt een door verzoekster voorgedragen revalidatiearts B als deskundige en wijst het tegenverzoek van Vivat af. Vivat moet het voorschot op de kosten van de deskundige betalen. Partijen zijn verplicht mee te werken aan het onderzoek.
De rechtbank stelt een gedetailleerde vraagstelling vast voor de deskundige, gericht op de mate waarin pijnklachten zich voordoen en de invloed daarvan op het psychosociale en cognitieve functioneren van verzoekster. De procedurele bepalingen over betaling, onderzoek en rapportage worden eveneens vastgesteld.