Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
Stichting Woonpartners,
1.[gedaagde 1] ,
[gedaagde 1],
[gedaagde 1] ,
1.Het verloop van het geding
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling in het incident
- op luide toon praten in de ochtend én in de nacht;
- ruzie maken door [gedaagde 1] met zijn partner en de moeder van zijn kinderen, waarbij wordt gescholden en geschreeuwd;
- schreeuwen tegen de kinderen;
- intimiderend en provocerend gedrag richting omwonenden;
- het uiten van bedreigingen richting omwonenden;
- met voorwerpen tegen de muren aan slaan;
- schelden en schreeuwen in de tuin en over de schutting;
- omwonenden beschuldigen van allerlei zaken waaronder spionage en pedofilie.
in ieder gevalin twee situaties agressief en grensoverschrijdend gedrag heeft vertoont jegens [naam buurtbewoner 1] en [naam buurtbewoner 2] . Op de geluidsopname, in de dagvaarding genoemd: ‘
[gedaagde 1] bedreiging d.d. 8 december 2019 14:30 uur’ overgelegd als productie 26 is hoorbaar dat [gedaagde 1] tegen [naam buurtbewoner 1] en [naam buurtbewoner 2] zegt:
“Bij mij is op mijn raam geschreven als ik erachter kom wie er op mijn raam heeft geschreven, die breek ik zijn nek” en “Niet praten tegen mij, want voor jou ga ik drie maanden zitten. Ja! Dat is een waarschuwing”.Dergelijke taal is ronduit intimiderend en kan op zijn zachtst als bedreigend worden opgevat, zeker in het licht van hetgeen dat onder 4.9 is overwogen. Dat blijkens de geluidsopname, in de dagvaarding genoemd ‘
[gedaagde 1] zwaar intim [naam buurtbewoner 2] p weg nr. winkel 16u25’ overgelegd al productie 27,
Als ik drie maanden voor jou ga zitten, ga ik drie maanden bij jou in de tuin zitten. Dat is wat ik wil zeggen met zitten, snap je” doet hier niet aan af. Voorts is op deze geluidsopname hoorbaar dat [gedaagde 1] roept: “
Mijn kinderen, als er iets gebeurd, dat ze zij mij weg blijven door jou of door haar. Nou ben je gewaarschuwd”, “Ben je nou gewaarschuwd of niet, want dit loopt uit de hand..(..) dit gaat uit de hand lopen(..) en “
Oke en nou kankerkop houden! Lopen of ik schop je”, waarbij de laatste zin een aantal keer, met overslaande stem, wordt herhaald. Dat deze bedreiging is gedaan richting [naam buurtbewoner 2] , die geen directe buurman is van [gedaagde 1] , acht de kantonrechter niet relevant. Het betreft immers geen verwijt van geluidsoverlast maar een directe bedreiging en ernstige intimidatie van een relatie van de buurvrouw, die ook haar (be)treft.
5.De beoordeling in de hoofdzaak
6.De beslissing in het incident en de hoofdzaak
donderdag 27 augustus 2020 te 09.00 uurvoor het nemen van een conclusie van antwoord;