ECLI:NL:RBOBR:2020:3358
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- T. Kraniotis
- J.G. Vos
- R. Boon
- Rechtspraak.nl
Verdachte schuldig aan poging doodslag en belediging ambtenaar zonder strafoplegging wegens eerdere lange gevangenisstraf
De rechtbank Oost-Brabant heeft op 7 juli 2020 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd verdacht van poging tot doodslag op een gevangenisbewaarder en eenvoudige belediging van een ambtenaar in functie. De feiten vonden plaats in augustus 2019 binnen een penitentiaire inrichting. Uit camerabeelden en verklaringen bleek dat verdachte het slachtoffer met kracht sloeg en trapte, waarbij sprake was van opzet tot doodslag. Ook werd bewezen verklaard dat verdachte een ambtenaar beledigde met grove woorden.
De verdediging voerde onder meer putatief noodweerexces aan, stellende dat verdachte zich bedreigd voelde vanwege een prijs op zijn hoofd binnen de inrichting. Dit verweer werd door de rechtbank verworpen, omdat geen sprake was van een onmiddellijke wederrechtelijke aanranding of dreigend gevaar op het moment van het geweld. De rechtbank oordeelde dat het handelen van verdachte een gerichte daad van agressie betrof.
Hoewel de feiten een langdurige gevangenisstraf rechtvaardigen, werd geen straf opgelegd vanwege een eerdere veroordeling van verdachte op 18 maart 2020 tot 16 jaren gevangenisstraf voor andere ernstige feiten gepleegd vóór de onderhavige feiten. Volgens het cumulatiestelsel en artikel 63 Sr Pro is het maximumstrafbedrag bereikt, waardoor geen aanvullende straf mogelijk is. De rechtbank verklaarde verdachte schuldig zonder oplegging van straf of maatregel.
Uitkomst: Verdachte wordt schuldig verklaard aan poging tot doodslag en belediging, maar krijgt geen straf opgelegd vanwege eerdere maximale gevangenisstraf.