ECLI:NL:RBOBR:2019:2749
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D.J. de Lange
- R.G. van der Korput
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen omgevingsvergunning voor ombouw kinderdagverblijf naar huurwoningen
De zaak betreft een beroep tegen een omgevingsvergunning verleend door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Best voor het ombouwen van een kinderdagverblijf naar negen huurwoningen. Eisers betoogden onder meer dat de vergunning onzorgvuldig was gemotiveerd, dat de afwijking van het bestemmingsplan niet rechtsgeldig was en dat het parkeeronderzoek onjuistheden bevatte.
De rechtbank oordeelt dat verweerder bevoegd was om van het bestemmingsplan af te wijken op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en het Besluit omgevingsrecht (Bor). De Nota Parkeernormen en de beleidsregel voor doseren van woningbouwinitiatieven waren niet van toepassing omdat het geen nieuwbouw betrof en er niet binnen het bestemmingsplan werd afgeweken. Het aangepaste parkeeronderzoek mocht aan het besluit ten grondslag worden gelegd, aangezien eisers geen deskundigenrapport hadden overgelegd dat het advies van het verkeersbureau onjuist of gebrekkig maakte.
Verder is vastgesteld dat de parkeerbehoefte van de appartementen volledig kan worden opgevangen binnen de openbare ruimte en het parkeerterrein aan de voorzijde van het complex. De afstandsmeting van 100 meter tot de woonfunctie mocht worden gemeten vanaf de toegang tot het eigen terrein. De rechtbank acht de motivering en onderbouwing van het besluit voldoende en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor het ombouwen van het kinderdagverblijf naar huurwoningen wordt ongegrond verklaard.