Op 8 oktober 2017 vond op de N329 te Oss een verkeersongeval plaats tussen een personenauto en een snorfiets, waarbij de passagier van de snorfiets overleed. Verdachte was bestuurder van de snorfiets en reed op een weg waar snorfietsen niet toegestaan zijn. Verdachte had een alcoholpromillage van 0,58 mg/ml bloed.
De rechtbank oordeelde dat het primair ten laste gelegde feit van schuld aan het ongeval niet wettig en overtuigend bewezen was, omdat het rijgedrag van verdachte niet aanmerkelijk onvoorzichtig was en het ongeval niet mede door zijn alcoholgebruik was veroorzaakt. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte reed op een weg waar dat niet was toegestaan, waardoor concreet gevaar op de weg werd veroorzaakt.
De rechtbank veroordeelde verdachte voor deze subsidiaire overtreding tot een geldboete van 350 euro, subsidiair 7 dagen hechtenis, voorwaardelijk met een proeftijd van 1 jaar. Bij de strafoplegging werd rekening gehouden met het blanco strafblad, jeugdige leeftijd en persoonlijke omstandigheden van verdachte, waaronder het feit dat hij zelf slachtoffer was en een goede vriend verloor.
De rechtbank sprak verdachte vrij van het primair ten laste gelegde en verklaarde niet bewezen hetgeen meer of anders was ten laste gelegd dan het subsidiaire feit. De strafmaat werd als passend beschouwd gezien de aard van het feit en de omstandigheden van de zaak.