Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.Het procesverloop
2.De feiten
(…)”
Rechtbank Oost-Brabant
De werknemer trad in 2004 in dienst bij Kinderopvang Dikkie & Dik als HR-manager en maakte deel uit van het managementteam. Vanaf 2015 gaf zij aan ontevreden te zijn en wilde zij vertrekken, maar bleef om financiële redenen. In 2017 stuurde zij zonder toestemming vertrouwelijke e-mailcorrespondentie tussen haar en de directeur door aan het managementteam, wat leidde tot een verstoorde arbeidsrelatie.
De directeur en het managementteam stelden vast dat dit gedrag onacceptabel was en het vertrouwen ernstig schaadde. Ondanks een coachingssessie en mediation bleef de werknemer de vertrouwelijkheid schenden, onder meer door een e-mail te sturen waarin zij haar vertrek aankondigde en kritiek uitte op de directeur.
De werkgever verzocht ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van ernstig verwijtbaar handelen, waarbij geen transitievergoeding verschuldigd zou zijn. De werknemer betwistte dit, maar de kantonrechter oordeelde dat de werknemer verwijtbaar handelde door de vertrouwelijke informatie te delen en de gemaakte afspraken te schenden. De arbeidsovereenkomst werd ontbonden per 1 november 2018, zonder recht op transitievergoeding, en de werknemer werd veroordeeld tot betaling van proceskosten.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 november 2018 wegens ernstig verwijtbaar handelen zonder recht op transitievergoeding.