Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verzoeker] , verzoeker,
de burgemeester van de gemeente Eindhoven, de burgemeester
Procesverloop
Overwegingen
“Per brief van 20 november 2017 heb ik bezwaar gemaakt tegen uw besluit zoals bekend gemaakt middels uw brief van 27 oktober 2017. De termijn om te beslissen op dit bezwaar is inmiddels (ruimschoots) verstreken.”Dat betekent dat het beroep in zaak 18/892 (d) ongegrond wordt verklaard.
Beslissing
- verklaart het beroep in zaak 18/724 gegrond;
- draagt de burgemeester op om binnen twee weken na verzending van deze uitspraak een beslissing te nemen op het bezwaarschrift van 20 november 2017 tegen het besluit van 27 oktober 2017, genoemd in punt 6 van deze uitspraak;
- verklaart het beroep in zaak 18/894 gegrond;
- draagt de burgemeester op om binnen twee weken na verzending van deze uitspraak een beslissing te nemen op het bezwaarschrift van 20 november 2017 tegen het besluit van 12 oktober 2017, genoemd in punt 13 van deze uitspraak;
- bepaalt dat de burgemeester een aan verzoeker te betalen dwangsom van € 100,– verbeurt voor elke dag waarmee hij de hiervoor genoemde termijn overschrijdt, met een maximum van € 15.000,– voor de twee afzonderlijke besluiten;
- stelt vast dat de burgemeester als gevolg van het niet tijdig beslissen een dwangsom heeft verbeurd van in totaal € 2.520,–;
- verklaart het beroep in zaak 18/892 ongegrond;
- wijst de verzoeken om een voorlopige voorziening in de zaken 18/723, 18/891 en 18/893 af;
- draagt de burgemeester op het betaalde griffierecht van € 170,– aan verzoekers te vergoeden.