Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
hij op of omstreeks 4 augustus 2014, althans op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de maand augustus 2014 in de gemeente(n) Eindhoven en/of Tilburg en/of Geldrop, althans in Nederland, terwijl verdachte bij vonnis van de Arrondissementsrechtbank te Oost-Brabant van 29 oktober 2013 (DOC-010), in staat van faillissement is verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten van zijn schuldeiser(s), tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, een of meer bate(n) niet heeft verantwoord en/of een of meer goed(eren) aan de boedel onttrokken, immers heeft hij, verdachte en/of (een of meer van) zijn medevedachte(n), (telkens) buiten het zicht en zonder medeweten van de curator,
hij op of omstreeks 18 mei 2015 in de gemeente Eindhoven, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, opzettelijk gebruik heeft gemaakt, althans gebruik heeft doen maken van een vals of vervalst rekeningoverzicht van de [bank] te Hellerup (Denmark) ten name van hem met Klant-ID [id-nr] (DOC-039), - zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - als ware dat geschrift echt en onvervalst, bestaande dat gebruikmaken hierin dat hij, verdachte en/of (een of meer van) zijn medeverdachte(n) voornoemd, dat rekeningoverzicht voornoemd heeft doen overleggen en/of overhandigen aan (een) opsporingsambtena(a)r(en) van de Fiod in Eindhoven in verband met een (onder meer) tegen hem, verdachte lopend strafrechtelijk onderzoek [onderzoek] ) en bestaande die valsheid of vervalsing hierin dat in dat rekeningoverzicht (onder meer) een kassaldo is vermeld van USD 1.792.893,66.
De formele voorvragen.
Bewijs
Verklaring van curator mr. [raadsman] [6] afgelegd bij de rechter-commissaris d.d. 24 november 2016:
Verklaring van verdachteafgelegd ter terechtzitting d.d. 29 augustus 2017:
4 augustus 2014 van [gedupeerde] ontvangen inkomsten van in totaal
€ 75.000,- eerst in juni 2015 – oftewel bijna een jaar later – aan de curator gemeld. Naar het oordeel van de rechtbank zijn de inlichtingen daarmee bepaald niet tijdig verstrekt. In dit verband acht de rechtbank van belang om op te merken dat verdachte de curator per e-mail d.d. 26 mei 2014 heeft verzocht om zijn bankrekening (met rekeningnummer [rekeningnummer] ) te deblokkeren, zogenaamd om daarop een voorschot van de gemeente te verkrijgen, terwijl verdachte – zo volgt uit diens eigen verklaring – reeds vanaf zijn vrijlating uit detentie in april 2014 (betaalde) werkzaamheden verrichtte voor [gedupeerde] Dit blijkt ook uit de omschrijving in het bij de bewijsmiddelen aangehaalde bankafschrift
“management facturen mei, juni, juli 2014 + bonus” en “restant management facturen + bonus mei-juni-juli 2014”.Verdachte wist dus ten tijde van zijn verzoek om deblokkering van zijn rekening op 26 mei 2014 al dat hij inkomsten zou verwerven ter zake de op dat moment reeds door hem verrichte werkzaamheden en had dit derhalve in zijn mail van 26 mei 2014 dienen te melden toen hij verzocht om deblokkering van zijn rekening respectievelijk op het moment waarop deze inkomsten aan hem werden uitbetaald in augustus 2014. Verdachte heeft er – gelet op de evident misleidende opgave in zijn deblokkeringsverzoek – welbewust ervoor gekozen om de curator niet te informeren omtrent de door hem in augustus 2014 verworven (en ingevolge artikel 21 Faillissementswet Pro in de boedel vallende) inkomsten en heeft daarmee, door deze inkomsten ook niet aan de curator af te dragen, zijn crediteuren mogelijk nadeel berokkend.
E-mail [10] van [betrokkene 3] Vind van de [bank] aan de Deense autoriteiten in het kader van het rechtshulpverzoek, d.d. 8 juni 2015:
- Ik ken [verdachte] al geruime tijd.
- Dat er geld op de beleggingsrekening bij de [bank] stond heb ik bij [verdachte] thuis gezien, op de [adres 2] . [verdachte] heeft mij toen op het scherm van zijn computer laten zien dat er sprake is van een vermogen van ongeveer twee miljoen euro. Ik ga er van uit dat het geld nog steeds bij de [bank] staat.
- het zou kunnen dat hij deze bescheiden van [verdachte] had ontvangen;
- hij de ordner met bescheiden, op verzoek van [verdachte] had doorgegeven aan [betrokkene 1] , ten behoeve van de administratie van [verdachte] ;
- De ordner met de bescheiden heb ik van [verdachte] of van [medeverdachte 1] ontvangen [
- Ik heb geen stukken uit deze ordner gehaald of toegevoegd;
- De ordner met inhoud heb ik doen toekomen aan de heer [betrokkene 1] . Bedoeld om te worden afgegeven aan de FIOD;
- U hebt mij op 29 juli al het afschrift van de [bank] laten zien met daarop het kassaldo van € 1.792.893,-. Ik reageerde op 29 juli al verheugd op dit afschrift omdat dit aansloot bij de informatie van banksaldo’s, beleggingsresultaten, die [verdachte] aan mij, en ook aan anderen geldverstrekkers, al bij hem thuis had laten zien op openstaande computerschermen.
De bewezenverklaring.
op tijdstippen in of omstreeks de maand augustus 2014 in Nederland, terwijl verdachte bij vonnis van de Arrondissementsrechtbank te Oost-Brabant van 29 oktober 2013 in staat van faillissement is verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten van zijn schuldeisers baten niet heeft verantwoord en goederen aan de boedel onttrokken, immers heeft hij, verdachte, telkens buiten het zicht en zonder medeweten van de curator inkomsten tot een totaalbedrag groot EURO 75.000,-, telkens afkomstig van [gedupeerde] , ontvangen en gehouden op een bankrekening nummer [rekeningnummer] ten name van hem, verdachte;
op 18 mei 2015 in de gemeente Eindhoven opzettelijk gebruik heeft doen maken van een vervalst rekeningoverzicht van de [bank] te Hellerup (Denmark) ten name van hem met Klant-ID [id-nr] - zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - als ware dat geschrift echt en onvervalst, bestaande dat gebruikmaken hierin dat hij, verdachte, dat rekeningoverzicht voornoemd heeft doen overhandigen aan opsporingsambtenaren van de FIOD in Eindhoven in verband met een (onder meer) tegen hem, verdachte lopend strafrechtelijk onderzoek en bestaande die vervalsing hierin dat in dat rekeningoverzicht (onder meer) een kassaldo is vermeld van USD 1.792.893,66.
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en/of maatregel.
rechtop een vrij te laten bedrag.