ECLI:NL:RBOBR:2016:1699
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H.L.M. Snijders
- L.G.J.M. van Ekert
- B. Poelert
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs poging tot zware mishandeling en poging tot doodslag
Op 19 mei 2013 vond te Eindhoven een geweldsincident plaats waarbij het slachtoffer werd geslagen met stokken. Verdachte werd ervan verdacht samen met anderen het slachtoffer te hebben mishandeld en te hebben geprobeerd hem van het leven te beroven. De officier van justitie vorderde een gevangenisstraf en taakstraf wegens poging tot zware mishandeling.
Tijdens de terechtzitting op 25 maart 2016 ontkende verdachte de tenlastelegging en gaf aan slechts bij de eerste confrontatie aanwezig te zijn geweest, waarbij hij mogelijk het slachtoffer licht raakte zonder letsel te veroorzaken. Het slachtoffer bevestigde twee afzonderlijke confrontaties, waarbij het ernstige letsel pas bij de tweede confrontatie werd toegebracht door meerdere personen.
De rechtbank hechtte geen doorslaggevende waarde aan het bloedspoor op stokken in de auto van verdachte en het DNA-mengprofiel, omdat dit niet voldoende bewijs leverde dat verdachte betrokken was bij de tweede, ernstige mishandeling. De verklaringen van getuigen waren onvoldoende om verdachte wettig en overtuigend te verbinden aan het strafbare feit.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten, waaronder poging tot doodslag, poging tot zware mishandeling en mishandeling.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van poging tot doodslag en zware mishandeling.