Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
Parketnummer vordering: 20/003926-14
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
De vordering na voorwaardelijke veroordeling.
De formele voorvragen.
Bewijs ten aanzien van feit 2.
De bewezenverklaring.
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en maatregel.
- het bewezen verklaarde misdrijven betreffen waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten;
- verdachte blijkens het uittreksel uit het documentatieregister en het onderzoek ter terechtzitting, in de vijf jaren voorafgaand aan het bewezen verklaarde, ten minste driemaal wegens een misdrijf onherroepelijk tot een vrijheidsbenemende straf is veroordeeld en dat de bewezen verklaarde feiten zijn begaan na tenuitvoerlegging van deze straffen en dat er, mede gelet op het rapport van Novadic-Kentron van 12 november 2015, ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de verdachte wederom een misdrijf zal begaan; en
- de veiligheid van personen of goederen het opleggen van de maatregel eist, waartoe wordt verwezen naar het feit dat verdachte steeds maar weer nieuwe strafbare feiten pleegt en de oplegging van onvoorwaardelijke gevangenisstraffen hem daarvan kennelijk niet weerhoudt.