Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBOBR:2015:6578

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
6 november 2015
Publicatiedatum
18 november 2015
Zaaknummer
wr 15-031
Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Wraking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 36 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek tegen niet-behandeld rechter

Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen kantonrechter mr. J.H. Wiggers, omdat deze een comparitievonnis had gewezen in een zaak die volgens haar reeds was behandeld en waarin vonnis was gewezen door een andere kantonrechter. Verzoekster stelde dat dit onbegrijpelijk was en een aanwijzing voor partijdigheid.

De rechtbank oordeelde dat een wrakingsverzoek alleen kan worden gericht tegen de behandelend rechter in de procedure. In deze zaak was mr. J.H. Wiggers niet de behandelend rechter; dat was mr. N.W.A. Stegeman-Kragting, die een comparitie van partijen had gepland. Omdat het wrakingsverzoek niet tegen de juiste rechter was gericht, werd het verzoek niet-ontvankelijk verklaard.

De beslissing werd genomen zonder mondelinge behandeling vanwege de kennelijke niet-ontvankelijkheid. De beschikking werd gegeven door een kamer van drie rechters en in het openbaar uitgesproken op 6 november 2015.

Uitkomst: Wrakingsverzoek tegen niet-behandeld rechter niet-ontvankelijk verklaard.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANKOOST-BRABANT
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
Wrakingskamer
Zaaknummer : WR 15/031
Beschikking van 6 november 2015
in de zaak van
[verzoekster],
wonende te Oss,
verzoekster,
tegen
mr. J.H. Wiggers
in diens hoedanigheid van kantonrechter in de rechtbank Oost-Brabant.
Partijen zullen hierna respectievelijk verzoekster en de kantonrechter worden genoemd.

1.Procesverloop

1.1
De rechtbank heeft kennisgenomen van:
- het verzoekschrift tot wraking gedateerd op 16 oktober 2015;
- het dossier in de hoofdzaak met zaaknummer 4327378 \ CV EXPL 15-6589.

2.De beoordeling

2.1.
De rechtbank zal terstond en zonder dat verzoekster in de gelegenheid is gesteld zich tijdens een mondelinge behandeling ter terechtzitting over het verzoek uit te laten, uitspraak doen, omdat sprake is van kennelijke niet-ontvankelijkheid van het verzoek, op grond van de hierna te noemen overwegingen.
2.2.
Het verzoek strekt tot wraking van de kantonrechter, die in de procedure met zaaknummer 4327378 \ CV EXPL 15-6589 op 3 september 2015 een comparitievonnis heeft gewezen. Verzoekster heeft aangevoerd dat in een zaak tussen dezelfde partijen, zijnde verzoekster enerzijds en [tegenpartij] anderzijds, kantonrechter mr. J.P.M. van der Ham op 30 april 2015 reeds vonnis heeft gewezen. Verzoekster acht het daarom onbegrijpelijk en hoogst merkwaardig dat de kantonrechter heeft bepaald dat er wederom een comparitie van partijen plaatsvindt in een zaak, die reeds behandeld is en waarin vonnis is gewezen. De beslissing van de kantonrechter tot het in behandeling nemen van een nieuwe dagvaarding en het wijzen van een comparitievonnis is zo onbegrijpelijk, aldus verzoekster, dat dit een zwaarwegende aanwijzing vormt voor partijdigheid van de kantonrechter.
2.3.
Ingevolge het bepaalde in artikel 36 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) kan elk van de rechters die een zaak behandelt worden gewraakt op grond van feiten en omstandigheden, waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen leiden. Daarbij dienen feiten en omstandigheden te worden gesteld, die de rechter betreffen tegen wie zich het wrakingsverzoek richt. Een wrakingsverzoek kan derhalve enkel worden gericht tegen een behandelend rechter.
2.4.
Uit het verzoekschrift blijkt dat het wrakingsverzoek is gericht tegen de kantonrechter. Hij is echter niet de behandelend rechter. De behandeld rechter in de betreffende zaak is kantonrechter mr. N.W.A. Stegeman-Kragting, zoals aangekondigd in de brief van 21 september 2015, waarbij verzoekster is uitgenodigd voor een zitting (comparitie van partijen) op maandag 23 november 2015. In verband daarmee zal verzoekster in haar verzoek niet-ontvankelijk worden verklaard.

3.De beslissing

De rechtbank:
verklaart verzoekster niet-ontvankelijk in haar verzoek tot wraking van mr. J.H. Wiggers in de procedure met zaaknummer 4327378 \ CV EXPL 15-6589.
Deze beschikking is gegeven door mr. E.J.C. Adang, voorzitter, mr. A.G.A.M. van de Ven en mr. J.H.L.M. Snijders, leden, en in het openbaar uitgesproken op 6 november 2015 in aanwezigheid van de griffier.