ECLI:NL:RBOBR:2015:5440
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Verduistering door penningmeester leidt tot taakstraf van 180 uur
De rechtbank Oost-Brabant heeft verdachte veroordeeld voor meervoudige verduistering gepleegd in de periode van 1 januari 2009 tot en met 25 april 2014. Verdachte, in haar functie als penningmeester van de benadeelde partij, heeft wederrechtelijk geldbedragen tot een totaal van €39.000,- onder zich gehouden en zich deze toegeëigend. De rechtbank achtte het niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte ook vóór 2009 verduisteringen heeft gepleegd.
Tijdens de zitting op 3 september 2015 heeft verdachte bekend de verduisteringen te hebben gepleegd en volledige medewerking verleend aan het onderzoek. De rechtbank nam mee dat verdachte haar functie heeft misbruikt en het vertrouwen van bestuur en leden ernstig heeft beschaamd. Tegelijkertijd werd rekening gehouden met het feit dat het strafbare feit gezien moet worden als een eenmalige misstap, mede doordat verdachte zelf contact heeft gezocht met betrokkenen en de gevolgen van haar handelen al ondervindt.
De officier van justitie had een werkstraf van 180 uur met een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden geëist. De rechtbank legde een taakstraf van 180 uur op, subsidiair 90 dagen hechtenis, zonder voorwaardelijke gevangenisstraf, omdat de taakstraf voldoende recht doet aan de ernst van het feit. De strafoplegging weerspiegelt de ernst van het misdrijf en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een taakstraf van 180 uur subsidiair 90 dagen hechtenis wegens meervoudige verduistering.