ECLI:NL:RBOBR:2015:5100
Rechtbank Oost-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen sluiting woning wegens hennepkwekerij
Verzoeker, huurder van een woning, werd geconfronteerd met een last onder bestuursdwang tot sluiting van zijn woning voor drie maanden wegens het aantreffen van een hennepkwekerij. De burgemeester van de gemeente Vught had dit besluit genomen op grond van artikel 13b van de Opiumwet, waarbij sprake werd geacht van een ernstig geval vanwege het aantal planten, eerdere oogsten, illegaal stroomaftappen en antecedenten van verzoeker.
Verzoeker maakte bezwaar tegen het besluit en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter oordeelde dat de burgemeester bevoegd was tot sluiting en dat het uitgangspunt van een waarschuwing bij een eerste overtreding kon worden losgelaten bij ernstige gevallen. De politie-rapportage toonde aan dat er sprake was van twee kweekruimten met in totaal 151 hennepplanten, meerdere oogsten, illegaal en gevaarlijk stroomaftappen en eerdere betrokkenheid van verzoeker bij hennepkwekerijen.
De voorzieningenrechter concludeerde dat de burgemeester terecht tot sluiting was overgegaan zonder voorafgaande waarschuwing, omdat het algemeen belang zwaarder woog dan het belang van verzoeker. Verzoeker kon bij gebrek aan woonruimte terecht bij gemeentelijke opvang. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woning wegens hennepkwekerij wordt afgewezen.