Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte],
De tenlastelegging.
hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 maart 2014 tot en met 28 april 2014 te Uden en/of Roermond, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, (telkens) om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van Pro de Opiumwet, voor te bereiden en/of te bevorderen, één of meer voorwerpen en/of één of meer stoffen voorhanden heeft gehad, waarvan hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) wist(en) of ernstige reden had(den) om te vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen van dat/die feit(en), te weten:
- een laboratoriumopstelling, bestemd en/of geschikt voor de productie van amfetamine, in elk geval (een) middel(en) vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst 1, dan wel aangewezen krachtens het tweede of derde lid van artikel 2 van Pro die wet en/of krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet, en/of één of meer kookketels en/of één of meer rondbodemkolven en/of één of meer loogvaten en/of een stoomgenerator en/of een distillatieketel en/of één of meer koolfilters en/of één of meer klemdeksel vaten en/of één of meer verwarmingsketels, en/of
- één of meer hoeveelheden apaan en/of BMK en/of zoutzuur en/of mierenzuur en/of formamide en/of natrium hydroxide (caustic soda);
hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 maart 2014 tot en met 28 april 2014 te Uden en/of Roermond, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, (telkens) opzettelijk heeft bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of vervoerd en/of vervaardigd (een) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende amfetamine, zijnde amfetamine (een) middel(en) vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst 1, dan wel aangewezen krachtens het tweede of derde lid van artikel 2 van Pro die wet en/of krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
hij op of omstreeks 25 september 2014 te Roermond opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 72,1 gram, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een gebruikelijk vast mengsel van hennephars en plantaardige elementen van hennep waaraan geen andere substanties zijn toegevoegd (hasjiesj), zijnde hasjiesj een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.
De formele voorvragen.
Ten aanzien van alle ten laste gelegde feiten.
Ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde feit.
Ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde feit.
Ten aanzien van het onder 3 ten laste gelegde feit.
De bewezenverklaring.
- een laboratoriumopstelling, bestemd voor de productie van amfetamine, vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst 1 en kookketels en/of één of meer rondbodemkolven en/of één of meer loogvaten en/of een stoomgenerator en/of een distillatieketel en/of één of meer koolfilters en/of één of meer klemdeksel vaten en/of één of meer verwarmingsketels, en
- hoeveelheden apaan en/of BMK en/of zoutzuur en/of mierenzuur en/of formamide en/of natrium hydroxide (caustic soda);
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en/of maatregel.
Voorlopige hechtenis.
Beslag.
Toepasselijke wetsartikelen.
DE UITSPRAAK
gevangenisstrafvoor de duur van
twee jaar.
Verbeurdverklaringvan de inbeslaggenomen goederen, te weten: een zwarte telefoon merk Samsung, type GT-57390 [goednummer 672296], een blok hasj met een totaalgewicht van 72,1 gram [goednummer 672236] en een contant-factuur voor een 3MAktief Kool Filter van 6 januari 2014