Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte],
De tenlastelegging.
De formele voorvragen.
Het standpunt van de officier van justitie.
Het standpunt van de verdediging.
DE UITSPRAAK
.
Rechtbank Oost-Brabant
De rechtbank Oost-Brabant behandelde de zaak tegen een planner die werd verdacht van medeplegen en feitelijk leidinggeven bij het lozen van overtollig water op de wasplaats van een recyclingbedrijf in Heeze-Leende, in strijd met de omgevingsvergunning.
De officier van justitie vorderde vrijspraak voor medeplegen, maar eiste een geldboete of hechtenis voor feitelijk leidinggeven. De verdediging betoogde volledige vrijspraak. Uit het dossier en de zitting bleek dat verdachte niet op de hoogte was van het lozen en geen handelingen verrichtte die als medeplegen konden worden aangemerkt.
De rechtbank oordeelde dat verdachte niet bewust onwetend was gehouden en onvoldoende bewijs bestond dat hij het plegen van de overtreding had aanvaard. Ook was niet voldaan aan de criteria voor feitelijk leidinggeven zoals geformuleerd in de arresten Slavenburg I en II. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van medeplegen en feitelijk leidinggeven bij het lozen van overtollig water in strijd met de omgevingsvergunning.