Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte],
De tenlastelegging.
De formele voorvragen.
Bewijs
De algemene bewijsmiddelen met betrekking tot feiten 1 tot en met 7.
De specifieke bewijsmiddelen met betrekking tot feit 1 en 2.
De specifieke bewijsmiddelen met betrekking tot feit 3 en 4.
De specifieke bewijsmiddelen met betrekking tot feit 5 en 6.
- De bankpas van mevrouw [slachtoffer 3]. Hieruit blijkt dat op 26 november tussen 11.51 en 11.55 uur mat haar bankpas bij de ING te Leiden vijfmaal €250,-- is opgenomen;
- de chip-knip van mevrouw [slachtoffer 3]. Hieruit blijkt dat het bedrag ad €482,- dat op de chipknip stond is aangewend voor betalingen bij de AH Rotterdam (€199,89), betaling aan de NS te Rotterdam (€17,50), betaling de volgende dag aan NS te Hoorn (€17,50), wederom twee betalingen bij de AH Rotterdam (€192,89) en een laatste betaling twee dagen later bij de Bruna te Rotterdam (€54,40). Op 26 november 23.45 is er een enkele reis van Rotterdam Centraal naar Hoorn betaald en op 27 november 6.35 uur een enkele reis van Hoorn naar Rotterdam-Centraal.