ECLI:NL:RBOBR:2013:CA3442
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs openlijk geweld en poging doodslag
Verdachte werd beschuldigd van poging tot doodslag en openlijk geweld gepleegd in Eindhoven op 1 januari 2013. De officier van justitie baseerde het bewijs vooral op camerabeelden, getuigenverklaringen en telefonische mastgegevens. Verdachte zou meerdere keren tegen het hoofd van het slachtoffer hebben getrapt en stompen hebben uitgedeeld.
De verdediging voerde aan dat de camerabeelden onduidelijk waren en mogelijk gemanipuleerd, waardoor herkenning van verdachte niet mogelijk was. Ook waren getuigenverklaringen wisselend en onvoldoende overtuigend. De rechtbank concludeerde dat de beelden en verklaringen onvoldoende waren om verdachte als dader te identificeren.
De rechtbank sprak verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten. Daarnaast werd de civiele vordering van het slachtoffer grotendeels niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende bewijs van toekomstige schade. De rechtbank wees de benadeelde partij in de proceskosten toe.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Oost-Brabant op 18 juni 2013 na onderzoek ter terechtzitting op 4 juni 2013.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs en onduidelijke camerabeelden.