ECLI:NL:RBOBR:2013:BZ9774
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing nadeelcompensatie wegens ontbreken causaal verband tussen subsidie en omzetdaling meervalkwekers
Eisers, meervalkwekers, vorderden nadeelcompensatie wegens omzetderving die zij toeschrijven aan een subsidie verleend aan Stichting Aquacultuur Zuidoost Nederland voor tilapia-kweek, die later werd omgezet in claresse-kweek (een meervalsoort).
De subsidie werd in 2004 verleend en vastgesteld in 2009. Eisers stelden dat de subsidie de marktverstoring veroorzaakte, waardoor de prijs van meerval instortte en zij schade leden. De rechtbank oordeelde dat het causaal verband tussen de subsidie en de omzetdaling onvoldoende aannemelijk was, mede gelet op andere factoren zoals de economische crisis, buitenlandse concurrentie en hoge productiekosten.
Eisers hadden geen cijfermatige onderbouwing geleverd om hun stelling te staven. De rechtbank benadrukte dat het op eisers rust om het verband aannemelijk te maken. Ook het tijdsverloop en het feit dat de subsidie was bedoeld voor tilapia-kweek en niet voor meerval, versterkten het oordeel dat het verband te ver verwijderd was.
De rechtbank verwierp ook het betoog dat verweerder had moeten onderzoeken of het verband aannemelijk was, omdat artikel 3:2 Awb Pro niet verplicht tot het actief verzamelen van gegevens bij gebrekkige gegevensverstrekking. Het beroep werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep van eisers op nadeelcompensatie wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van causaal verband tussen subsidie en omzetdaling.