ECLI:NL:RBOBR:2013:BZ4318
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak poging tot moord en veroordeling mishandeling kind met Münchhausen by proxy
Verdachte heeft haar zieke zoon meermalen via een PEG-sonde desinfectievloeistof toegediend, wat mishandeling en opzettelijke benadeling van de gezondheid opleverde. De rechtbank achtte de poging tot moord niet bewezen vanwege onvoldoende bewijs voor voorwaardelijk opzet op overlijden.
De feiten vonden plaats in ziekenhuizen te Veghel en Nijmegen in 2011. Verdachte gaf toe vijf keer desinfectans toe te dienen in oktober 2011 en één keer in oktober 2011. Medisch onderzoek toonde hoge ethanol- en isopropanolwaarden in het bloed van het kind, wat leidde tot coma, maar het kind herstelde volledig.
De rechtbank concludeerde dat verdachte lijdt aan het syndroom Münchhausen by proxy, wat haar handelen deels verklaart en haar in verminderde mate toerekeningsvatbaar maakt. De strafmaat werd bepaald met inachtneming van deze stoornis, resulterend in een gevangenisstraf van 312 dagen met aftrek van voorarrest en een TBS-maatregel met voorwaarden gericht op behandeling en beperking van contact met kwetsbaren.
De rechtbank sprak verdachte vrij van poging tot moord en zwaar lichamelijk letsel, maar veroordeelde haar voor mishandeling en benadeling van de gezondheid van haar kind. De opgelegde TBS met voorwaarden is bedoeld om recidive te voorkomen en de veiligheid van anderen te waarborgen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 312 dagen gevangenisstraf en TBS met voorwaarden wegens mishandeling en benadeling van de gezondheid van haar kind, vrijgesproken van poging tot moord.