ECLI:NL:RBOBR:2013:BY9372
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- N.M. Spelt
- J.W.H. Renneberg
- C.A. Mandemakers
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs gewapende overval op minderjarigen
Op 30 november 2011 vond te Veldhoven een gewapende overval plaats waarbij minderjarigen werden gedwongen tot afgifte van goederen onder bedreiging en geweld. Verdachte werd ervan beschuldigd samen met een medeverdachte deze overval te hebben gepleegd.
De officier van justitie stelde dat de medeverdachte verdachte als mededader aanwees en dat een slachtoffer verdachte herkende als dader. De verdediging voerde aan dat het verhoor van de medeverdachte onjuist was vastgelegd, waardoor uitsluiting van die verklaring moest volgen, en dat de herkenning van verdachte door het slachtoffer beïnvloed en onbetrouwbaar was. Ook ontkende verdachte en leverde een geloofwaardige verklaring.
De rechtbank stelde vast dat de verklaring van de medeverdachte slordig was vastgelegd, maar niet opzettelijk onjuist. De verklaring was echter te indirect om verdachte als mededader aan te wijzen. De herkenning door het slachtoffer vond onder omstandigheden plaats die de betrouwbaarheid aantasten, zoals eerdere blootstelling aan verdachte in de rechtszaal en de aanwezigheid van een politielegitimatiebewijs met foto van verdachte dat niet met zekerheid bij de overval was gebruikt.
Er was geen ander forensisch bewijs dat de betrokkenheid van verdachte met voldoende zekerheid aantoonde. Daarom oordeelde de rechtbank dat het ten laste gelegde feit onvoldoende wettig en overtuigend was bewezen en sprak verdachte vrij. De civiele vorderingen van de benadeelde partijen werden niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van medeplegen gewapende overval.