Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.Het verloop van de procedure
- de berichten van de moeder met bijlagen, ontvangen op 11 februari 2026;
- de door de moeder nagezonden beschikking van de kinderrechter over een wijzing van de zorgregeling van 29 januari 2026, ontvangen op 24 februari 2026;
- het bericht van de GI met bijlage, ontvangen op 24 februari 2026;
- het bericht van de GI met bijlage, ontvangen op 25 februari 2026.
- de moeder met haar advocaat;
- de vader;
- [naam] en [naam] , jeugdbeschermers, namens de GI.
2.De feiten
3.Het verzoek
"Uw moeder is buiten haar werk om bij u in de woning aanwezig om u te helpen bij de opvoeding van de kinderen en voor de veiligheid van de kinderen."Volgens de moeder grijpt de GI hiermee terug op afspraken die in 2025 zijn gemaakt nadat zij het moeder-kindhuis had verlaten. Destijds mocht de moeder onder die voorwaarde zelfstandig gaan wonen, zodat er zicht bleef op de veiligheid van de kinderen. Deze afspraken zijn inmiddels ruim een jaar geleden gemaakt. De moeder en de oma hebben de GI al meerdere keren gevraagd of deze voorwaarde beëindigd kon worden. Hier heeft de GI niet op gereageerd. De moeder geeft aan dat haar moeder momenteel nog steeds dagelijks na haar werk bij haar thuis komt en ook blijft slapen. Dit legt een grote druk op haar moeder, die heeft aangegeven graag weer meer ruimte te willen voor haar eigen leven. Bovendien is er ook geen contact geweest met de oma over de gemaakte afspraken,