Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 11 maart 2026 in de zaak tussen
[eiser] h.o.d.n. [bedrijf], uit [plaats], eiser
De minister van Infrastructuur en Waterstaat, de minister
Samenvatting
.Eiser krijgt geen gelijk en het beroep is dus ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Heeft de minister onzorgvuldig tegenover eiser gehandeld?
Bovendien zou Rijkswaterstaat voor die plek geen ontheffing om ligplaats te mogen nemen afgeven. Dan zou u nog steeds niet kort kunnen afmeren en boten in en uit het water kunnen tillen t.b.v. uw bedrijfsactiviteit.’
Mocht de minister toestemming met daaraan verbonden voorschriften weigeren?
Conclusie en gevolgen
Beslissing
mr.R.A. Schaapsmeerders, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 11 maart 2026.