Op 21 mei 2024 heeft verdachte te Veendam met een klauwhamer meerdere keren op de armen van het slachtoffer geslagen, nadat hij de woning van het slachtoffer was binnengedrongen. Verdachte bedreigde het slachtoffer met woorden als 'ik maak je hartstikke dood'.
De rechtbank sprak verdachte vrij van poging tot doodslag omdat het bewijs ontbrak dat hij op het hoofd van het slachtoffer had geslagen. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte poging tot zware mishandeling, bedreiging en huisvredebreuk pleegde. De verdediging voerde noodweerexces en psychische overmacht aan, maar deze verweren werden verworpen.
De rechtbank legde een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met een proeftijd van 2 jaar op, gecombineerd met een taakstraf van 150 uur. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot het betalen van een immateriële schadevergoeding van 500 euro aan het slachtoffer. De inbeslaggenomen klauwhamer werd verbeurd verklaard.