ECLI:NL:RBNNE:2026:597
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake inzage persoonsgegevens op grond van AVG
Verzoekster heeft op grond van artikel 15 AVG Pro verzocht om inzage in stukken over haar contacten met het Centrum voor Jeugd en Gezin en inzage in het dossier van haar minderjarige dochter. Het college van burgemeester en wethouders van Hoogeveen heeft het verzoek deels afgewezen en deels gehonoreerd, waarna verzoekster bezwaar maakte.
De voorzieningenrechter beoordeelt het verzoek om een voorlopige voorziening en stelt vast dat verzoekster een beroep op betalingsonmacht kan doen voor het griffierecht. Vervolgens wordt overwogen dat een voorlopige voorziening alleen kan worden getroffen bij onverwijlde spoed, maar verzoekster heeft geen spoedeisend belang aannemelijk gemaakt. Het enkele beroep op naleving van Unierecht en het risico op onherstelbare schade door vertraging volstaat niet. Ook het argument over het nieuwe digitale systeem en mogelijke risico’s op verlies van gegevens wordt onvoldoende onderbouwd.
Daarom is het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk en wordt het zonder inhoudelijke beoordeling afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de voorzieningenrechter zonder zitting en is onherroepelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.