ECLI:NL:RBNNE:2026:3103
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde wegens onjuiste liggingscorrectie en staat van voorzieningen
Eiseres, eigenaar van een vrijstaande woning uit 1915, maakte bezwaar tegen de WOZ-waarde van €418.000 vastgesteld door de heffingsambtenaar van de gemeente Westerwolde voor het belastingjaar 2025. De heffingsambtenaar had het bezwaar ongegrond verklaard, waarna eiseres beroep instelde bij de rechtbank Noord-Nederland.
De rechtbank oordeelde dat de heffingsambtenaar niet aannemelijk had gemaakt dat de WOZ-waarde niet te hoog was vastgesteld, met name omdat geen juiste correctie voor de liggingswaarde was toegepast en onvoldoende rekening was gehouden met de benedengemiddelde staat van de voorzieningen zoals keuken en badkamer. De door eiseres voorgestelde lagere waarde van circa €370.000 werd niet volledig aannemelijk gemaakt.
De rechtbank stelde daarom de WOZ-waarde in goede justitie vast op €390.000, vernietigde de uitspraak op bezwaar en bepaalde dat de heffingsambtenaar het betaalde griffierecht aan eiseres vergoedt. De rechtbank erkende het belang van een zorgvuldige waardebepaling en de noodzaak van een juiste toepassing van de Wet WOZ, met name artikel 17 lid Pro 2.
Uitkomst: De rechtbank stelt de WOZ-waarde van de woning vast op €390.000 en verklaart het beroep gegrond.