Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
uitspraak van de voorzieningenrechter van 6 juli 2026 in de zaak tussen
[naam 1 uit woonplaats] , verzoekster
de burgemeester van Meppel
Samenvatting
Procesverloop
Het verzoek om een voorlopige voorziening
Beoordeling door de voorzieningenrechter
Was de burgemeester bevoegd?
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening te treffen toe;
- schorst de werking van het primaire besluit van 19 juni 2026;
- bepaalt dat deze voorlopige voorziening hangende bezwaar vervalt na ommekomst van twee weken nadat het te nemen besluit op bezwaar is bekendgemaakt, tenzij binnen die twee weken is verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening hangende beroep. In dat geval zal de voorziening die bij deze uitspraak is getroffen vervallen zodra de voorzieningenrechter uitspraak zal hebben gedaan op het verzoek hangende beroep;
- bepaalt dat de burgemeester het griffierecht van € 200,– aan verzoekster moet vergoeden;
- veroordeelt verweerder tot betaling van € 1.868,– aan proceskosten aan verzoekster.