ECLI:NL:RBNNE:2026:2586
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot toepassing wettelijke schuldsaneringsregeling met geslaagd beroep op hardheidsclausule
Verzoeker heeft op 18 maart 2026 een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp). Tijdens de zitting op 1 juni 2026 verscheen verzoeker met zijn schuldhulpverlener en beschermingsbewindvoerder. De rechtbank constateert dat verzoeker niet te goeder trouw was ten aanzien van een deel van zijn schulden die in de afgelopen drie jaar zijn ontstaan, waaronder belastingschulden en boetes van het CJIB.
Desondanks oordeelt de rechtbank dat verzoeker een geslaagd beroep heeft gedaan op de hardheidsclausule van artikel 288 lid 3 Faillissementswet Pro. Verzoeker heeft zijn onderneming gestaakt, staat onder beschermingsbewind en zal binnenkort weer aan het werk gaan, waardoor de oorzaak van de schuldenproblematiek onder controle is gebracht. Ook zijn niet-gebruikte auto’s zijn geschorst.
De rechtbank stelt de duur van de schuldsaneringsregeling vast op 18 maanden vanaf de datum van het vonnis en benoemt een rechter-commissaris en bewindvoerder. Er is geen aanleiding voor een eerdere ingangsdatum. Het vonnis is gewezen door mr. C.H. Beuker en in het openbaar uitgesproken op 8 juni 2026.
Uitkomst: Verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt toegewezen met een looptijd van 18 maanden.