ECLI:NL:RBNNE:2026:253
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen woningsluiting op grond van de Opiumwet
De voorzieningenrechter van de Rechtbank Noord-Nederland heeft op 28 januari 2026 uitspraak gedaan in een zaak waarin verzoeker bezwaar maakte tegen het besluit van de burgemeester van Meppel om zijn woonunit te sluiten op grond van artikel 13b van de Opiumwet.
De burgemeester had de woonunit gesloten voor drie maanden vanwege de vondst van handelshoeveelheden hard- en softdrugs, waaronder cocaïne, 2-MMC en hasj, alsmede drugshandelattributen en stroomstootwapens. Daarnaast waren er zorgen over de openbare orde en de toeloop van personen uit het drugscircuit naar de woonunit.
Verzoeker stelde dat de sluiting onevenredig was, maar kon geen feiten aandragen die dit onderbouwden. De voorzieningenrechter oordeelde dat het bezwaar geen redelijke kans van slagen had en dat de sluiting gerechtvaardigd was. De voorlopige voorziening werd daarom afgewezen, waardoor de burgemeester de sluiting mag effectueren. De eerder opgelegde schorsing van het besluit verviel op 30 januari 2026.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woonunit wordt afgewezen, waardoor de burgemeester de sluiting mag effectueren.