ECLI:NL:RBNNE:2026:2505
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toelating tot wettelijke schuldsaneringsregeling met vervroegde ingangsdatum
Verzoeker heeft een verzoek ingediend om toegelaten te worden tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp). Tijdens de zitting op 9 april 2026 verscheen verzoeker samen met een schuldhulpverlener. De rechtbank beoordeelde het verzoek als een hoofdinsolventieprocedure conform artikel 3, eerste lid, van de Insolventieverordening (EU 2015/848).
De rechtbank concludeerde dat het verzoek voldeed aan de gestelde eisen en dat verzoeker had voldaan aan artikel 288 lid 1 van Pro de Faillissementswet. Er waren geen gronden voor afwijzing van het verzoek. Verzoeker had verzocht om de Wsnp twee maanden eerder te laten ingaan vanwege twee maanden volledige afdracht.
De rechtbank zag aanleiding om de ingangsdatum van de Wsnp vast te stellen op 23 februari 2026, twee maanden voor de datum van het vonnis. De regeling wordt vastgesteld op een termijn van 18 maanden, eindigend op 23 augustus 2027. Tevens werd een rechter-commissaris benoemd en de bewindvoerder gemachtigd tot het openen van aan verzoeker gerichte post.
Uitkomst: Verzoek tot toelating tot de Wsnp wordt toegewezen met een vervroegde ingangsdatum van 23 februari 2026 en een looptijd van 18 maanden.