Uitspraak
RECHTBANK Noord-Nederland
1.[eiser sub 1] ,
[eiser sub 2],
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 27 mei 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt,
- de spreekaantekeningen van mr. Korten,
- de spreekaantekeningen van mr. van Kan,
- de aanhouding ten behoeve van het beproeven van een minnelijke regeling,
- het verzoek van partijen om vonnis te wijzen.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
onevenredig zwaarderwordt benadeeld dan [eisers] , die door de overbouw niet hun gehele perceel kunnen benutten voor hun gewenste opbouw. Dat de zoon van [gedaagde] als gebruiker van de kamer in de opbouw overlast zou kunnen ervaren van de werkzaamheden die gemoeid zijn met het aanpassen van de dakgoot en het ventilatierooster is geen reden om de overbouw te handhaven. Alleen al niet omdat de zoon die overlast kan ontlopen door op een andere plek in of buiten het huis aan zijn scriptie te werken.